Welkom
Rules
Guide
Time line
Key words

P l o t ;
Een gewone voorbijganger zal het niet merken, maar er is iets vreemds aan de hand met het rode gebouwtje bovenop de kliffen in het kleine kustdorpje... Wat op het eerste gezicht een normale vuurtoren lijkt, vormt namelijk de ingang tot de tijdslus van Miss Bluebonnet. Niet iedereen kan de zich steeds herhalende dag in juli van 2011 binnentreden. Enkel zij die drager zijn van een recessief gen dat zich in hun DNA heeft gemanifesteerd en wat door hun aderen stroomt, zullen toegang krijgen tot de lus. Zij beschikken over een gave. Hun 'bijzonderheid' maakt het dagelijks leven voor hun niet gemakkelijk, en er ligt constant gevaar op de loer... Lees verder!

T e a m
Admin
Louise
Mentor
Lyana
Mentor
Zeal
Mentor
Sam
Mentor
Laurice
S w a p



C o u n t
#

C r e d s ;
Alle codes, teksten en afbeeldingen behoren tot de rechtmatige eigenaar of eigenaresse en mogen daarom nooit zonder toestemming gekopieerd of overgenomen worden. De site is gecodeerd en vormgegeven door Vera en wordt gehost op Actieforum. Het idee van deze RPG is gebasseerd op de boekenreeks Miss Peregrine's Home for Peculair Children van Ransom Riggs. Dit forum is getest in de volgende browsers:


15 oktober 2016



Deel | 
 

 ☪It all started with a big bang...

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Ga naar beneden 
AuteurBericht
Amaris Collins

avatar

PROFIELAantal berichten : 46
IC-berichten : 2
Registratiedatum : 21-03-17
Accounts :
- Nuala Doherty
- Sayuri Davies
- Amaris Collins
RPG SHEET
Character sheet
Bijzonderheid: ☪Deity Density
Uiterlijke leeftijd: ☪14 Years
Quote: ❝All truths are easy to understand once they are discovered; the point is to discover them.❞

BerichtOnderwerp: ☪It all started with a big bang...   zo maa 26, 2017 1:36 pm


❝You have a choice. You either focus on what is tearing you apart or what is holding you together.❞
Zoals het haar toebehoorde was haar leven nooit saai. Misschien moest Amaris het wel eerst inleiden met het voorafgaande verhaal, het verhaal dat zich "leven" noemde. Hoe was het allemaal begonnen, zoals de wetenschap verwachtte was alles begonnen met een knal, misschien zelfs een flits. De oerknal. Het begon allemaal met de allesbepalende grote creërende knal. Nu stond Amaris in een soortgelijke situatie het begon met een knal en een harde bons op de verzorgde deur van de openbare toiletten op het station van Trondheim ergens in de buurt van de kust van Noorwegen. Amaris draaide zich binnensmonds vloekend om, om daarna een medepassagier aan te kijken. Haar bruine ogen stonden star en strak op de met haar vergeleken deftig gekleedde vrouw gericht. Amaris hield echter maar enkele seconde stil in haar acties, voordat ze haar bruine intiminderende blik weer afwende en haar hand naar de licht piepende kraan bewoog. Ze waste stilzwijgend haar handen waarna ze de vrouw nog een bijna minachtende blik over haar schouder wierp. Hierna trok ze de donkere muts van haar trui verder over haar hoofd heen waarna ze rustig en een tikkeltje sloffend de toiletten weer verliet. De vrouw keek haar een tikkeltje snuivend en hooghartig na, als Amaris het al opmerkte dan negeerde ze het wonderbaarlijk en uitzonderlijk goed. Ze wist al lang dat de wat netter uitziende vrouw haar wou vragen naar haar reisgenoten. Immers was ze de jongste van het stel, die er niet bepaald fatsoenlijk uit zagen. De meeste zouden het waarschijnlijk af doen aan het hebben van te weinig geld, en niet aan de ervaringen die ze samen deelden. Daarbij was ze nog maar een meisje terwijl de anderen al minstens de mijlpaal van achttien jaar hadden behaald. De meeste waren zelfs ouder, misschien iets boven de twintig. Dit betekende dat ze verreweg de jongste was en ook nog eens het breekbaarst leek te zijn. Dat Amaris alles behalve breekbaar was wisten de medepassagiers natuurlijk niet, en ze zouden al helemaal niet kunnen bevatten dat het relatief tengere meisje een van de sterkere was van hun gang. Amaris was met haar gave alles behalve breekbaar. Momenteel gebruikte ze haar gave niet, ze had het niet nodig en wou niet al te veel opvallen. Zoals ze wel vaker op doorreis deed droeg Amaris slobberige kleding, kleding die ten minste twee maten, zo dan niet drie te groot was. Zou ze haar gave dan onverwachts wel moeten gebruiken, dan hoefde ze tenminste niet op te vallen, sterker nog dan zou niemand het opmerken. Daarbij zou het natuurlijk minstens slecht nieuws zijn als ze uit haar kleding zou schieten of erger nog de kleding in haar huid zou snijden, in plaats van een voordeel werd haar gave dan een behoorlijk nadeel. Amaris was immers van plan over niet al te lange tijd haar gave te gebruiken. Immers hadden ze van enkele informanten kennis gekregen dat hen als gang vertelde dat ze weer toe mochten slaan. Iets dat ze ook zouden doen. Rustig en duidelijk op haar gemak, liep Amaris naar de trein die ze zou nemen. De groep van vijf splitste zich op in twee kleinere groepen, eentje van twee en eentje van drie. Zo vielen ze minder op in de menigte. Beide groepen zouden een andere trein nemen. Al was het in beide gevallen een trein die in de buurt van hun eindbestemming zou komen, echter dan wel aan de andere kant van het desbetreffende gebied. Amaris zou dit keer gericht samenwerken met een jongeman die ze Skunk noemden. Dit mede dankzij zijn pikzwarte haar en relatief onschuldige uiterlijk. Echter wist iedereen beter dan een stinkdier te irriteren, want dan kregen ze meteen een cadeautje waarom ze niet gevraagd hadden. In Skunk' geval een pijnlijk en waarschijnlijk bloederig cadeau. Amaris keek het oudere lid aan waarna ze rustig op een bankje ging zitten, wachtende op de trein die op hun perron aan zou komen. Dezelfde vrouw die ze was tegengekomen bij de toiletten, had zich enkele meters verderop opgesteld. Amaris hield haar bijna onzichtbaar vanuit haar ooghoeken in de gaten. Hoewel het toeval kon zijn dat ze die vrouw nu weer tegen kwam, ging ze daar niet vanuit. Ontspannen draaide ze zich om naar Skunk waarna ze haar gewoonlijke toneelstukje speelde. Deze was er met een duidelijke reden, de passagier een andere waarheid aan te rijken, een waarheid die ze hadden uitgewerkt mochten ze toch te veel opvallen in de menigte. Amaris keek Skunk niet recht in de ogen aan, zodat ze inderdaad de zwakkere en onzekere van de twee leek te zijn. Ze bleef zitten terwijl de man met het pikzwarte golvende haar dichterbij kwam staan, dit op een dreigende manier. Zijn hand hief waarna die met een duidelijke klap op haar wang terecht kwam. Amaris sprong nu al jammerend overeind om daarna zichzelf schrap te zetten voor de volgende klap die zou komen. Haar muts viel van haar hoofd af met haar snelle beweging waardoor haar lange donkerbruine haren zichtbaar waren. De volgende klap kwam echter niet want een van de bewakers bemoeide zich er mee. Skunk werd met hem mee gevoerd en zou deze actie dus niet verder mee kunnen maken. Echter was dat voor hun gang geen echte tegenslag. De rest stond al klaar om te strijden. De vrouw die haar in de toiletten had gezien keek haar nu medelevend aan, iets dat Amaris ook had verwacht. Nu was ze precies op de plek waar het meisje haar wilde hebben. Ze zagen haar nu als een slachtoffer niet als de mogelijke dader van angst en pijn.

Inmiddels kwam de trein al aan. Amaris stapte in zodra de deuren open zwaaiden en enkele treinreizigers waren uitgestapt. Ze zocht naar een lege stoel waarop ze plaats nam waarna ze haar hand op de nieuw gevormde blauwe plek legde. Onzichtbaar zou ze niet zijn. Mensen zouden haar niet vergeten maar ook niet verdenken van de daden die ze binnen relatief korte tijd uit zou voeren en dus was dit het moment om zich te ontspannen en uit te rusten. Vermoeid was Amaris wel, dit door het heftige reisschema dat ze hadden aan gehouden. Daarbij was slapen in een trein vaak niet geheel comfortabel. De vrouw die haar in de toiletten al aan had willen spreken, kwam naast haar zitten en keek haar zorgzaam en bezorgd aan. "Are you alright?" Vroeg de vrouw met haar zachte licht krakende rokersstem. Amaris grimasde even lichtelijk waarna ze haar hand van de blauwe plek weg haalde. "I... I think so," mompelde ze waarna ze haar gezicht afwende. De vrouw knikte even stil waarna ze haar mobiel tevoorschijn haalde. Een simpel ding, maar goed genoeg om het meeste mee te kunnen. "Maybe you should call your parents." Vervolgde de vrouw vriendelijk en overduidelijk beschermend en bezorgd. Moederlijk was misschien een beter woord. Amaris' voelde zich lichtelijk geïrriteerd. Immers had ze niets meer met haar ouders, was ze al jaren niet meer thuis geweest en zweeg ze hen dood. Waarschijnlijk dachten haar ouders dat ze was ontvoerd en omgekomen en hadden ze geen hoop meer om haar levend terug te vinden. Tenminste dat zouden ze denken als haar vader zich niets van het voorval herinnerde. Hier kon ze niet zeker van zijn en dus kon ze beter van de radar blijven. "My parents died in a car crash, it is only my brother and me." Fluisterde Amaris zichtbaar gepijnigd en bezorgd. Dat ze bezorgd en gepijnigd was om Skunk zei ze er natuurlijk niet bij. Zolang de vrouw haar op haar woord zou vertrouwen en zich nu te ongemakkelijk voelde om verder te vragen zou Amaris in orde zijn. "Please, don't make me call my brother ma'am. He will be so angry and upset." Ging ze op breekbare toon verder waarna de vrouw zich zichtbaar ongemakkelijk omdraaide. "Of course not," suste de vrouw haar waarna ze zich met tranen in haar ogen van het meisje naast zich af wende. Amaris haalde opgelucht adem en keek toen naar buiten toe uit het ietwat zanderige raampje. De deuren gingen met een geluidssein dicht waarna de trein begon te bewegen. Eerst langzaam en toen steeds sneller waardoor het Noorse landschap aan haar voorbij schoot. Amaris hoopte dat de rest van de gang wat meer geluk had gehad dan haar en Skunk. Ze was blij dat hij haar blik begrepen had en tot actie was overgegaan zonder er ook zichtbaar bij na te denken. Als hij getwijfeld had omdat ze een meisje was en er zo onschuldig uit zag had hij hun dekmantel opgegeheven. Iets dat onvergefelijk was. Van alle gangmembers moest zij er bij zijn. Zij was degene die kon voorkomen dat mensen zich met hun gingen bemoeien. Zonder haar zouden ze al vaak genoeg zijn op gepakt en misschien al in de gevangenis hebben gezeten. Nu liepen ze nog vrij rond en konden ze doen en laten wat ze wouden. Zolang het natuurlijk niet tegen al te veel wetten en regels in ging. Opgepakt worden kon veel schade opleveren aan hun gang, iets waarvan alle leden op de hoogte waren. Immers waren er enkele regels die ze bewust volgden. Het was beter om een lid kwijt te raken dan om de hele gang op te doeken. Amaris wist dat ze al voldoende ambtenaren met vele vragen achter zich hadden gelaten. Ambtenaren die hen wouden laten boeten voor hun keuzes en acties. Hoewel ze niemand de dood hadden in gejaagt hadden ze voldoende mensen trauma's opgeleverd. Niet dat Amaris daar persé trots op was, ze kende de redenering van de mensen die ze aanvielen zelf al goed genoeg. Haar vader was zo geweest, ze was met de gedachten die, die mensen droegen opgegroeid. Begrip was wat ze had, echter had ze ook veel begrip voor de keuzes die de gang samen maakte. Het laten boeten van mensen die andere mensen met een gave verachtten, buitensloten en vernederden. Of die testen uitvoerden om een geneesmiddel te geven tegen de kwalen die de gaven volgens hen waren. Met pijnlijke testen die enkele van de leden maar al te goed kende. Iemand moest voor de rechten opkomen en in dit geval was de gang dat. Het duurde relatief kort voordat het station waar ze uit zou stappen werd omgeroepen. Amaris wierp een blik op de stille vrouw waarna ze op stond. Gelukkig maakte de vrouw wat ruimte voor haar zodat ze langs haar het gangpad op kon lopen. Amaris duwde de deur open en bleef even wachtten in het voorstuk van de wagon. Daar waar de schuifdeuren naar buiten toe waren. Er klonk een hoog piepend geluid van de remmen en het gekras van metalen wielen op het spoor totdat ze met een lichte schok stil stonden. Amaris drukte het knopje van de schuifdeuren in en stapte naar buiten toe. De koude Noorse lucht in. Ze haalde diep adem voordat ze rustig sloffend richting de uitgang van het station liep. Ze checkte zich uit voordat ze de halfduistere straat op liep. Het zou waarschijnlijk over niet al te lange tijd gaan regenen of misschien zelfs sneeuwen. Al fronsend keek Amaris naar de lucht waarna ze de muts van de trui weer optrok en in elkaar gedoken verder liep. Dit om haar lichaamswarmte vast te houden.

Hoewel Amaris wel voetstappen hoorde volgen ging ze er eerst van uit dat het gewoon een wandelaar was, iemand die ze gewoon toevallig was tegen gekomen. Verder waren de straten relatief leeg, de winkelstraat die de slanke tiener bereikte was grotendeels leeg. Al kon ze achter de grote etalageramen nog wel verkopers zien staan. Het was een doodnormale koude en regenachtige dag, geen van de winkeliers zou haar herinneren. Als ze haar al gezien hadden in haar donkere, te grote kleding gehuld. De voetstappen bleven aanhouden en Amaris draaide zich om, daar stond de vrouw, elegant in haar lange jas gehuld met een ingeklapte paraplu in haar hand. De vrouw was dus duidelijk niet gerust geweest op haar veiligheid, dat was een ding dat zeker was. Amaris keek de vrouw vanonder de schaduw van haar capuchon uit en zuchtte. Waarom kon die vrouw haar niet gewoon met rust laten! Ze was geen zwak zielig weeskind. Zelfs al dacht de vrouw dat ze wees was door haar verhaal. Ze had haar zogenaamde broer nog, een van de gangmembers speelde wel vaker haar broer als het nodig was. Ze kende elkaars achtergrond en wisten van de leugens af die ze omstanders vertelden. Zo waren Amaris en Abyss zusje en oudere broer. Abyss was een Alias. Immers kenden ze vaak elkaars echte namen niet. Dit om verraad te voorkomen wanneer een van hen onder druk werd gezet. Als ze bepaalde informatie niet hadden konden ze het ook niet kwijtspelen. Amaris stond bekend als Black Panther in de gang. Door haar zwarte kleding, sierlijke tred en sterke gave. Ze was gevaarlijke dan een doodnormale huiskat. Sommigen noemde haar ook wel the Chaser, aangezien ze de verraders op joeg. Stiekem waren enkele leden misschien wel een tikkeltje op hun hoede bij haar; bang kon ze het niet noemen maar ze kende haar gave. Wisten hoeveel schade ze aan kon richten als het nodig was. Dat Amaris zelfs met een gedachte in enkele seconden een lichaam uiteen kon laten barsten. Hoewel ze dat niet deed, was het wel mogelijk. Ze had nog geen bloed aan haar handen, ze had nog niemand afgeslacht of verwond. Ze had er wel eens bij gestaan, toegekeken en niets gedaan. Iets dat haar niet persé onschuldig maakte, ze was al lang het rechte pad verloren. Had het achter zich gelaten en zich diep in de banden van de gang gewerkt. Amaris zou niet snel loskomen van die banden, immers waren de gangledem haar nieuwe familie. Degene die haar enkele jaren geleden hadden opgenomen in hun midden toen niemand naar haar om keek. Zo iets schepte een band en trouw; zeker met de ervaringen die ze deelden.

De vrouw van de trein was inmiddels op haar afgelopen en Amaris zette stil een stap achteruit. Ze wou niet verder spreken met de goedhartige vrouw. Niet omdat ze bang was voor haar, maar omdat de vrouw niet met haar diende te moeien. Ze wou haar niet betrekken in de actie die ze over niet al te lange tijd uit zou voeren. Immers had de vrouw er niets mee te maken en moest ze zich afzijdig houden. Ze had niets over Amaris te zeggen, was niet haar moeder of vader. Was geen familie zoals ze die had gekend en nu nog kende. Had geen band met haar, behalve dan dat ze had gezien hoe Skunk haar geslagen had toen ze haar op afstand hadden willen houden. Wantrouwend keek ze de onbekende vrouw aan waarna ze rustig en een tikkeltje kil sprak. "I don't need a babysitter to look after me." Ze mocht jong zijn maar was gehard door het leven, kende pijn en angst. Huilde niet meer, nee ze vocht. Amaris wist dat de enige manier waarop ze zich kon redden het achterlaten van kinderlijke emoties was. Geen angst tonen en geen verdriet. Het was beter om koud en kil over te komen, immers konden de anderen haar dan moeilijk inschatten. Ze wisten niet tot wat ze in staat was, zelfs Amaris wist het niet. Immers weerhield ze zichzelf er van om haar gave veel te gebruiken, enkel in heftige gevechten riep ze de extra kracht aan. Voor de meesten was het namelijk niet bepaald prettig om iets te slaan dat zo hard als staal was. Dan braken ze hun eigen vingers. Zonder dat Amaris ook maar uit hoefde te halen. "How old are you? Not eighteen yet. You need someone to look after you." Sprak de vrouw een tikkeltje moederlijk. Amaris snoof en balde haar handen tot vuisten, haar nagels prikten in de huid en lieten halve maantjes achter. "My brother looks after me. Leave me alone. Bitch." Verklaarde Amaris enkel waarna ze zich snuivend omdraaide en weg liep. Haar schouders gerecht, haar kin omhoog en in trotse houding. Samen met de andere leden hadden ze in de buurt van de kliffen af gesproken. De tocht er na toe was alles behalve prettig sinds er een wolkbreuk aan kwam zetten en het regende met pijpenstelen. Bliksemschichten schoten langs haar hoofd heen en verlichtten de donkere hemel. Het natuurgeweld deed haar iets ontspannen. Ondanks dat ze vrijwel zeker wist dat de vrouw haar niet zomaar achter zou laten en misschien wel bepaalde instanties in zou lichtten. Amaris rolde even met haar donkerbruine ogen voordat ze enkele natte plukken haar weg schoof met haar hand. Het duurde lang, zelfs enkele bussen voordat Amaris eindelijk in de verte de kliffen kon zien. Duister in de schaduw van de regenbui en de aankomende nacht. Amaris keek een enkele keer achterom, over haar schouder heen maar zag de vrouw niet meer. Waarschijnlijk had die de achtervolging op gegeven. Al kon ze natuurlijk nooit zeker zijn. De vrouw had vasthoudend gebleken. Misschien had ze een iets minder ernstig verhaal op moeten hangen en had ze dan geen achtervolging mee gemaakt. Ironisch eigenlijk, hoe de jager de opgejaagde kon worden. Aangekomen bij de kliffen zag ze een grote vuurtoren staan. Het licht van de schijnwerpers viel af en toe op haar verzuipte gedaante. Langzaam liep Amaris richting de veilige haven, nu niet haar veilige haven maar wel veilig voor de regen. De deur sloeg makkelijk open en Amaris stapte stug naar binnen toe. Met een klap viel die achter haar weer in het slot. Haar hand legde ze op de muur waarna ze haar weg vervolgde. Ze hoopte ergens een lichtknopje te vinden, zodat ze wat meer kon zien. Amaris hoorde buiten ineens een geluid en op haar hoede stapte ze weer naar de deur toe. Was het de vrouw weer? Want dit klonk niet als haar nieuwe familie. Echter waren de passen misschien weer te zwaar voor een vrouw. Meteen sloeg Amaris de deur open om daarna oog in oog te komen met niemand minder dan een kind die ze niet eerder had gezien. Wantrouwend en met een nogal defensieve houding bleef ze enkele seconden voor haar staan, voordat ze zonder een woord te zeggen in een flitsende seconde naar buiten stapte en haar hand twijfelend tot een vuist balde. Haar hand maakte echter nog geen contact met het zachte weefsel van de buik waar Amaris normaal gesproken op richtte, in plaats daarvan probeerde Amaris lang haar heen te duiken. Ze was er op de een of andere manier zeker van dat de vrouw het meisje op haar had af gestuurd. Ze had de vrouw eerder van zich af moeten schudden. Haar nooit moeten spreken. Waarom was ze niet gewoon verder gegaan met haar dag, zoals elk ander en moest en zou ze met Amaris moeten spreken? Ze konden haar niet dwingen! In blinde paniek haalde ze diep adem en schoten haar donkerbruine ogen naar het kind. Ze hijgde lichtjes terwijl haar natte kleding slapjes om haar slanke lichaam hing. Druppels water dropen van haar haren af op de grond. Als ze niet zo gebrand was geweest op het ontsnappen van het onbekende meisje ondanks dat die waarschijnlijk geen gevaar voor haar was, zou ze haar kleding hebben laten drogen. Op deze manier in de koude en kille buitenlucht kon ze makkelijk kou vatten. Amaris keek nu pas op naar de lucht en merkte plotseling op dat het licht was, hier en daar wel bewolkt maar zeker geen wolkbreuk zoals ze net had mee gemaakt. Ook de zon scheen anders waardoor ze verward stil bleef staan en haar handen ongemakkelijk liet zakken. Op het zelfde moment hield ze het meisje nog steeds vanuit haar ooghoeken argwanend in de gaten. "Who did send you!" Siste ze tussen haar tanden door, tanden die ze stevig op elkaar had geklemd om niet te klappertanden van de koude. Hoewel ze misschien behoorlijk argwanend overkwam en het meisje er jonger dan haar uit zag kon ze haar onrust niet in houden. Haar bruine ogen gleden langs de omgeving maar meer mensen dan het meisje waren er niet. Even zuchtte ze voordat haar houding iets verzachtte.

_________________
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pippa Fraser

avatar

PROFIELAantal berichten : 83
IC-berichten : 21
Registratiedatum : 24-04-17
Accounts : Laurice Andersson
Pippa Fraser
RPG SHEET
Character sheet
Bijzonderheid: Mermaid
Uiterlijke leeftijd: 6
Quote: Alleen mensen zonder fantasie vluchten in de realiteit.

BerichtOnderwerp: Re: ☪It all started with a big bang...   wo mei 03, 2017 9:24 am

Wiehoewoeshie!!! Nog en radslag en nog eentje! Pippa kon gewoon niet meer stoppen! Hoelang had ze hier de laatste dagen wel niet op geoefend!? Tienduizendmiljardhonderd minuutjes ofzo? Weer gooide ze haar beentjes als een molentje door de lucht en belande deze keer op haar billetjes. Woho, haar hoofd leek wel door te draaien! Echt gaaf! Het voelde net alsof ze onder invloed was van een betoverend heksenpapje! Langzaam begon Pippa's beeld weer wat scherper te worden. Waar was ze eigenlijk belandt? Ze had zoveel rondjes gedraaid en er helemaal niet bij stil had gestaan waar ze heen ging. Ze rook de zilte zeelucht en kreeg toen de grote, rode vuurspuwende reus in zicht. Alle trollentenen nog aan toe! Hier mocht ze helemaal niet komen! Heel soms nam mevrouw Bluebonnet Pippa mee naar de vuurtoren om ervoor te zorgen dat de lus open bleef, maar de ymbryne had het haar strikt verboden om er in haar ééntje naar toe te gaan. Het was een onvoorspelbare plek waar van alles kon gebeuren. Stel dat het aan de andere kant van de lus zou regenen? Pippa mocht niet in aanraking komen met zuiver water  en al helemaal niet buiten de lus. Als ze daar wild zou worden en weg zou zwemmen, zou dat waarschijnlijk haar dood worden... Even speelde het meisje met het gras tussen haar vingertjes en plukte een madeliefje die ze in haar mond stopte. Ze had zo'n bloemetje ooit met de paarden in de wei meegegeten en ze waren verrassend lekker! Behalve dan die waar dieren pis op zat. Jak!
Weer keek ze naar de vuurtoren die al best dichtbij stond. Alhoewel Pippa er een handje van had om regels te breken had ze wat betreft de rode reus altijd de ymbrynes wens in acht gehouden. Ze kon maar beter terug naar het huis wandelen... Opeens werd haar aandacht door een grote bromvlieg getrokken die meerdere rondjes om haar hoofd zoemde en toen haar schouder als landingsbaan gebruikte. "Hey, hallo daar brommerdebrombrom! Wil je ook een madeliefje?"  In plaats van een antwoord te geven vloog het beestje alweer op en beukte nog even tegen haar wang voordat hij er vandoor ging. "Hé kom eens terug jij!" riep Pippa lachend terwijl ze de achtervolging inzette. Als hij tikkertje wou spelen zou hij dat krijgen ook!

Bijna rende Pippa recht tegen de deur van de rode reus op toen deze onverwachts open zwaaide. Ze kwam er zelfs maar enkele millimeters vandaan slippend tot stilstand en haar ogen waren wijd open gesperd van de verassing. Toen ze zag wat er in de deuropening stond werden deze kastanjebruine kijkers zo mogelijk nóg groter en van de schik hield ze haar adem in. Doordat ze zo klein was, zag ze als eerste de grote slobberige lappen stof die doorweekt leken te zijn met water en toen de 'woeste', druppende haren. Was dit... nee dat kon toch niet? Een sloddermonster!!! Ging een dramatische stem door het hoofd van het meisje en van de schrik strompelde ze iets naar achteren. Mevrouw Bluebonnet had nog zo gezegd dat het hier gevaarlijk was! Toen herstelde Pippa zich snel. De gedaante voor haar had een agressieve houding en die imiteerde ze met gemak en een uitdagende blik in haar ogen. Als dat monster opzoek was naar naar verse kinderbiefstuk zou hij het van zijn langzalzeleven niet krijgen! Alhoewel Het kleintje haar houten piratenzwaard niet bij had, zag ze zichzelf graag als een beduchte vechter. In plaats van dat het monster op haar afkwam keek het echter opeens naar de lucht  en leek hier wat door in de verwarring te raken. Het liet zelfs zijn handen iets zakken. Het waren nog best menselijke handen, merkte het meisje nu op en kneep haar ogen achterdochtig samen. Kon het soms van gedaante veranderen om kinderen te lokken? "Who did send you!" siste de gedaante toen. Hij leek eerder iets argwanend dan echt gevaarlijk, maar voor de zekerheid hield Pippa haar vuistjes hoog.
Wie haar gestuurd had??? Wat een vraag! En geclassificeerde informatie ook nog. Pippa had wel een betere vraag. "Send who did you!"* vuurde ze slim de vraag van het monster terug in haar zelf bedachte vreemde taal. Het was vrij simpel. Je nam gewoon een normale zin en husselde de worden helemaal door elkaar zodat het vreemd klonk. Zo konden zelfs de vreemdste volken het verstaan. Ze had het nog op een muis in het huis van Bluebonnet uitgeprobeerd. Die leek het in ieder geval uitstekend te begrijpen. Nu sprak ze haar zin langzaam en goed articulerend uit waarbij ze extra nadruk op het woordje 'you' legde. Het monster had de omgeving in zich opgenomen en ontspande een beetje. Langzaam begon Pippa nu een gezicht tussen de natte haren te herkennen en besefte zich dat dit helemaal geen sloddermonster kon zijn! In plaats van de bloedrode ogen die de monsters van hun kinderhapjes kregen, waren de kijkers van de persoon voor haar bruin. Ook zag ze dat de rare kleur van de huid op de wang helemaal geen schubben bevatte, maar een blauwe plek was. Het was gewoon een meisje dat qua uiterlijk misschien dubbel zo oud was als Pippa zelf. Was het een bijzonder kind dat nieuw was in deze lus? Pippa zou haar wel herkend hebben als ze hier al langer woonde. Ze wist dat nieuwe kinderen altijd een beetje verdwaald of raar deden, dus dat zou deze hier ook goed kunnen zijn. Nog steeds in een dappere houding die op alles was voorbereidt vouwde Pippa haar armen voor haar borst over elkaar en nam het meisje voor haar nu op zoals wijze volwassen dat volgens haar zouden doen. Dit was namelijk een volwasse zaak op een volwasse plek. Ze besloot maar te wachten op de reactie van het meisje op haar slimme vraag. Dat zou haar wel meer informatie geven.


[*Who did send you!]
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Amaris Collins

avatar

PROFIELAantal berichten : 46
IC-berichten : 2
Registratiedatum : 21-03-17
Accounts :
- Nuala Doherty
- Sayuri Davies
- Amaris Collins
RPG SHEET
Character sheet
Bijzonderheid: ☪Deity Density
Uiterlijke leeftijd: ☪14 Years
Quote: ❝All truths are easy to understand once they are discovered; the point is to discover them.❞

BerichtOnderwerp: Re: ☪It all started with a big bang...   zo mei 21, 2017 3:46 pm

❝Only in the darkness can you see the stars.❞
De hele dag was al vervelend en raar geweest. Hoewel Amaris wel wat bekend was bij de gang, had ze dit nog nooit meegemaakt. De dagen verliepen over het algemeen kalm en goed gepland. Niets werd aan het toeval overgelaten en ook al waren ze niet op de vlucht, hielden ze altijd hun ogen en oren goed open. Echt vreemde dingen gebeurden er niet, tenzij men niet gewend was aan gaven, gevechten en geweld. Hoewel de gang niet zozeer snel naar geweld greep, gebeurde het alsnog vaak genoeg wel. Het was een familie die erop gebrand was sterk te blijven staan en zich door niets en niemand uit het veld liet slaan. Als het moest offerden ze een ander lid op, zodat de rest veilig bleef en hun belangrijke doel altijd gehaald kon worden. Mensen, normale mensen konden net zo gevaarlijk al dan niet gevaarlijker zijn dan degene die zich Peculiars noemden. Hoewel Amaris behalve in de gang nog geen bijzondere mensen was tegengekomen wist ze voldoende om te weten dat die er wel waren en zich vaak schuil hielden in gebieden die ze "lussen" noemden. Hoewel ze zelf niet geloofde in lussen, ondanks het feit dat ze voldoende vreemde dingen had gezien, twijfelde ze nog altijd aan het bestaan ervan. Vele van de leden waarmee ze haar leven deelde, waren net als haar nog nooit een lus tegen gekomen en hadden nog nooit iemand gekend die kon bewijzen dat die lussen daadwerkelijk bestonden. Des de belangrijker hun werk dan ook werd, het beschermen van andere Peculiars die werden bedreigd door de maatschappij, hoewel ze nooit wist waar ze heen gingen, en ze af en toe de geholpen Peculiars uit het oog verloren, was het altijd beter dan onschuldige begaafde mensen aan het lot over te laten. Iemand moest voor ze klaar staan en in dit geval deden hun dat. Hoewel het af en toe ook behoorlijk ver kon gaan, doodde ze nooit de mensen die de Peculiars opjoegen en het leven zuur maakten. Nergens waren ze volkomen veilig, Amaris wist dit zelf ook. Haar vader was een van de mensen geweest die het leven van de bijzondere moeilijker maakte. Hoewel hij hen niet verwondde of doodde, niet op het eerste gezicht in elk geval, sloot hij enkele van hen wel op om op hen te testten in de hoop de gaven uit de wereld te helpen. De kracht die samenhing met sommigen van hen, was beangstigend in zijn ogen, gevaarlijk. Het was net alsof ze een loslopende kernbom door de straten lieten wandelen zonder er iets aan te doen. Dat kon niet en dat mocht niet gebeuren, vroeger had Amaris hem zonder er iets tegen in te brengen geloofd. Ze was net als hem bang geweest voor het onbekende, maar nu, nu wist ze dat de wereld meer geheimen had dan een mens ooit in zijn leven uit kon vinden. Er was immers plaats voor een verborgen gang geweest. Al hoewel geheel verborgen waren ze niet geweest, berichten van hun daden bereikten sommige mensen. Enkelen van hen werden feller, gewelddadiger. Want hun daden gaven wel aan dat ze gevaarlijk waren, dat ze uit de weg geruimd dienden te worden op oprecht veilig te kunnen zijn. Dat ze niet meer waren dan monsters. Amaris wist nog dat mensen over hen dachten als duivelsgebroed. Er was geen licht te zien in het hart van de Peculiars, ze waren gevaarlijk en in staat om de wereldbevolking wat aan te doen. Gelukkig was ze nog geen mensen in hoog aanzien tegen gekomen die er over nadachten. Die er in geloofden dat er bijzondere waren. Want wie zou er nou geloven dat er mensen konden zweven, zonder aan touwen vast te zitten. Het zou vast de techniek wel zijn, de ogen werden in de maling genomen. Er waren tegenwoordig zoveel goochelaars dat mensen dachten dat Peculiars niet bestonden, echter wisten een heel kleine groep mensen dat het wel degelijk zo was.

Zodra Amaris de vuurtoren uit was gekomen, de deur had opengezwaaid, werd ze begroet door het aanzicht van een roodharig meisje. Een kind dat er jonger uit zag dan zijzelf was. Haar koude aanblik, haar wantrouwige gedrag probeerde ze wat in te tomen om haar niet al te veel angst aan te jagen. De zware voetstappen die ze had gehoord, waren waarschijnlijk van het jongere grietje afkomstig geweest, misschien dat ze hierheen gerend was, of gehuppeld. Ze zag er nog jong genoeg uit om onschuldige spelletjes zoals verstoppertje te spelen. Waarschijnlijk was ze zich nog niet eens bewust van de gevaren in de wereld, en als ze dat wel was zou ze het snel genoeg vergeten. Onschuldig, en dus toomde ze haar dreigende houding een tikkeltje in. Al was het nog steeds duidelijk dat Amaris haar argwanend aankeek en in zich op nam. Net zoals de rest van de omgeving overigens. Ze had diep adem gehaald om te kalmeren, waarna ze het meisje met op elkaar geklemde kaken een vraag stelde. Amaris wou weten wie het kind hierheen gestuurd had, het was nog niet in haar op gekomen dat het meisje gewoon onschuldig had gespeeld met een vlieg in de buurt van de vuurtoren. Wie zou haar überhaupt alleen in dit afgelegen gebied laten. Hoewel Amaris over het algemeen niet al te veel over de veiligheid van anderen nadacht die niet in de buurt van haar hart zaten, zoals de andere gangmembers, kon ze een onschuldig kind ook niet de stuipen op het lijf jagen om haar terug naar de veilige haven te krijgen. Een veilig haven dat haar thuis zou moeten zijn. Het meisje zag er niet uit als een zwerfkind, uitgehongerd en vuil. Ook was ze niet nat van de regen zoals Amaris, nu ze ook om zich heen keek zag ze dat niets vochtig meer was van de regendruppels die haar nog doorweekt hadden. Verward en op haar hoede wachtte ze de reactie af van het jongere meisje, die ze al die tijd nauwlettend in de gaten hield. Het meisje hield haar vuistjes omhoog, waarschijnlijk om zichzelf te verdedigen tegenover haar. Alsof haar vuisten iets zouden kunnen uithalen als ze haar gave erbij haalde. Waarschijnlijk zou het roodharige meisje dan maar al te snel naar de ziekenboeg gebracht moeten worden, omdat ze haar eigen knokkels gebroken had tegen de verstevigde huid van Amaris. De nood om haar gave tegen een kind te gebruiken had ze echter nog niet, waarschijnlijk wist ze nog niets af van het bestaan van de Peculiars en dat moest ze dan ook zo houden ook. "Send who did you!" Verklaarde het meisje dapper en slim. Terwijl ze duidelijk de vraag terug voerde in een zelfbedachte taal. Eentje die Amaris gelukkig met gemak kon ontrafelen, er waren gewoon enkele woorden omgedraaid. Ondanks de koude wist Amaris het geduld en de rust terug te brengen om haar te beantwoorden. "The fairy of darkness." Antwoordde ze zo luchtig mogelijk, dit keer zonder dat ze siste waardoor ze een beetje stotterde van de koude. Het kind had voldoende fantasie, als ze haar zo bekeek en dus hoopte ze dat het meisje haar verder met rust zou laten een misschien genoeg geschrokken was van haar verschijning en haar woorden dat ze haar verder met rust zou laten. Kinderen waren altijd nieuwsgierig, dat wist ze nog goed genoeg. Zo was ze die ene dag ook nieuwsgierig geweest naar haar vaders werk en waar was dat tot uitgelopen?! Niets dat als positief bestempeld kon worden. Haar oogkleppen waren ruw van haar gezicht verwijderd en sindsdien had ze van dichtbij voldoende afschuwelijke dingen meegemaakt. Hoewel ze er in het begin niet naar uit had gekeken om mensen zoals haar vader aan te pakken, voelde ze nu weinig medelijden voor hen. Immers hadden ze vaak voldoende gedaan om de wreedheden van de gang op zich af te roepen. Van het in elkaar slaan en mishandelen van anderen, tot aan het bedreigen van jonge Peculiars, noem het op en ze hadden het gezien. Dit had haar blik naar de wereld gehard waardoor ze bovenal een vechter was geworden. Als het moest schakelde ze mensen uit, voor het grotere goed. Het meisje vouwde nu zelfverzekerd haar armen voor haar borst en even kon Amaris het zichzelf niet ontkennen dat het best wel schattig was. De volwassen blik in haar ogen deed haar even fronsen waarna ze voorzichtig wat meer ruimte opzocht, verder van de deur vandaan en haar ogen op de kliffen wierp. Ze keek het meisje aan waarna ze haar muts naar achteren duwde waardoor haar slanke gezicht zichtbaar werd onder haar doorweekte lange haren. Ze duwde enkele strengen opzij waarna ze weer sprak. "Didn't your parents tell you it can be quite dangerous here?" Sprak ze haar stem wat vriendelijker maar nog steeds overduidelijk op haar hoede. Als de vrouw haar nu achterna was gekomen en dit meisje er niets mee te maken had, wou ze niet weten wat er zou gebeuren als ze dit jonge kind zag. Ergens wou Amaris nog steeds niet toegeven dat ze zich beschermend gedroeg tegenover het jongere meisje. Dat het meisje in werkelijkheid waarschijnlijk veel ouder dan haar was, wist ze natuurlijk niet. Ze zag enkel een jong onschuldig kind met krullende haren die ze tegen de pijn en het gevaar van de gang en diens verleden wou beschermen. Niet elke gangmember werd nog vertederd door kinderen of had nog een hart tegenover de jongsten van de mensheid. Enkele waren door de jaren heen zo verbitterd geraakt dat ze kinderen als een plaag zagen, als jonge ratten die nu beter gesmoord konden worden voordat ze net zoals hun ouders zouden worden. Een onmogelijke plaag die hun bestaan in gevaar bracht. Amaris wou nog steeds niet geloven dat ze op een andere plek was dan toen ze de vuurtoren binnen loop, ook al vertelde alles wat ze om zich heen zag wel een ander verhaal. Het leek haar onmogelijk dat ze ergens beland was dat niet kon bestaan, wat als ze nu gevangen zat in een lus. Wat zouden de andere gangmembers wel niet denken. Ze kon toch niet haar familie in de steek laten? Amaris vermaande zich weer waarna ze een hand uitstak naar het jongere meisje. "I can't leave you here, not with the unknown dangers that lie here." Verklaarde ze enkel, waarna ze even zuchtte en haar schouders probeerde te ontspannen. Ze moest nodig naar de stomerij als er een in de buurt was, misschien konden haar kleren dan wat sneller gedroogd worden want hier boven bij de kliffen en de vuurtoren had de wind vrij spel, en het was niet bepaald warm. Noorwegen was nu eenmaal niet het warmste land of een tropisch paradijs, waar ze snel genoeg in de wind weer op zou kunnen drogen zonder dat zou kou zou vatten. Toch waren die zorgen voor later, eerst het meisje naar haar ouders terug brengen, dat zou trouwens ook helpen bij haar dekmantel die ze nog aanhield. Als ze nog onschuldig over kwam, dan zou niemand haar ervan verdenken iets te maken te hebben met de gang. Dan zouden ze haar al snel genoeg vergeten, daarbij wist ze bijna zeker dat iemand zich zorgen moest maken om haar. "My name is Violet," stelde ze zich uiteindelijk voor. Hoewel ze eigenlijk Amaris heette was dit haar tweede naam en dus veiliger om zichzelf daarmee voor te stellen zonder dat ze echt zou liegen. Want in werkelijkheid stond die naam wel op haar paspoort, enkel dan wel als tweede naam en niet als roepnaam. Amaris hoopte maar dat ze het meisje snel naar de bewoonde wereld kon brengen, want hier zou niemand het meisje kunnen horen als er wel iets gebeurde en met de vrouw die haar had achtervolgd kon ze bijna wel zeker zijn dat iemand haar uiteindelijk zou vinden en hoe het dan af zou lopen kon ze niet met zekerheid zeggen.

Echt lang wachtten op het meisje deed ze niet, Amaris daalde als snel van de kliffen af, voorzichtig zodat ze zichzelf niet zou snijden aan de scherpe rotsranden en ze zich niet zou verstappen. Ze zou moeilijk kunnen helpen als ze haar enkel verstuikte. Immers had ze een rol om te vervullen en dat zou Amaris dan ook doen. Haar bruine blik viel af en toe op het roodharige meisje. Terwijl ze haar aandacht zorgvuldig op de omgeving hield. Als het gevaarlijk werd dan zou ze het meisje beschermen. Ze was nu nog onschuldig en wellicht zou het helpen als mensen wisten dat niet alle Peculiars slecht waren. Dat ze nu eenmaal gaven hadden betekende niet dat ze bij uitstek gevaarlijk waren. Daarbij gebruikten mensen ook atoombommen, alsof dat zo veilig was. Nucleaire wapens waren gevaarlijker dan alle Peculiars bij elkaar, in haar ogen tenminste. Elk wezen kon gevaarlijk zijn, echter werd niet elk wezen daardoor slecht behandeld. Amaris was zich bewust van het feit dat iedereen de keuze had om goede of slechte dingen met het leven te doen en hoewel in haar geval de lijn tussen goed en slecht nihil was, probeerde ze koste wat het kost toch op de goede kant te balanceren. De wereld had al genoeg haat en nijd en hoewel ze niet met liefdevolle blik op haar vaders werk terug keek, begreep ze zijn gedachtegang nog steeds en dat maakte haar zwak. Zwakker dan ze toe wou geven, dan ze toe zou geven. Ze moest het gewoon verbijten en doen wat het beste was. Beschermen van haar lotgenoten. Dat ze dat niet meer met haar gang, haar nieuwe familie zou doen, vanaf het moment dat ze de vuurtoren was binnen gestapt, zou Amaris nog niet beseffen, dat besef zou wellicht veel later komen.

_________________
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pippa Fraser

avatar

PROFIELAantal berichten : 83
IC-berichten : 21
Registratiedatum : 24-04-17
Accounts : Laurice Andersson
Pippa Fraser
RPG SHEET
Character sheet
Bijzonderheid: Mermaid
Uiterlijke leeftijd: 6
Quote: Alleen mensen zonder fantasie vluchten in de realiteit.

BerichtOnderwerp: Re: ☪It all started with a big bang...   vr mei 26, 2017 12:05 am

De benadering van het meisje voor haar met Pippa's vreemde taal bleek een wijze keuze te zijn geweest, want de vreemde verstond het meteen. Even leek ze er over na te denken, maar antwoordde toen lichtelijk stotterend "The fairy of darkness". Pippa's ogen werden groot en haar mond viel ongelovig open. Ze had nog nooit in haar hele lange leven een menselijk elfje gezien! Dit was zo mega vetcool! De persoon voor haar zag er heel anders uit dan alle soorten fantasie elfjes die Pippa al had ontmoet. Het kleintje ging even op haar teentjes staan om te kijken of ze niet toevallig de vleugels over het hoofd had gezien. Dat deze ontbraken had een belletje bij Pippa kunnen laten rinkelen, maar ze was al te verwonderd. Misschien kregen elfjes van de duisternis slechts vleugels in het donker? "Wooow, that's so awesome!" zei ze half in zichzelf waarna de elf haar muts afdeed en haar serieuze gezicht onthulde. "Didn't your parents tell you it can be quite dangerous here?"
O kakkie! dacht Pippa betrapt terwijl er een extreem schuldige blik op haar gezicht kwam. Straks wist de elf dat Pippa de regels van mevrouw Bluebonnet had gebroken. Zou de kerstman ook duistere elven in dienst hebben? Even schrok het kleine meisje, maar herinnerde zich toen weer een beetje teleurgesteld dat het in de lus toch nooit kerst zou worden. Haar gedachten werden onderbroken doordat de elf een hand naar haar uitstak. "I can't leave you here, not with the unknown dangers that lie here. My name is Violet." Pippa rechtte weer haar rug en wou net de hand pakken toen ze besefte hoe nat hij nog was. Alhoewel ze niet zeker was of het genoeg water was om haar te laten transformeren naar een zeemeermin ging ze voor het zekere boven het onzekere door het vocht op de hand en de mouw onopvallend en snel te laten verdampen waarna ze zich vrolijk voorstelde. "Pippa Fraser is the name!" en aangezien de ander haar al haar gave had verteld besloot ze hetzelfde te doen. "I'm a mermaid," zei ze glunderend en een beetje trots. Ze zei het alsof het heel vanzelfsprekend was omdat dit voor haar natuurlijk ook zo was. Voor een ander zou het misschien overkomen als een kinderverzinsel. De brunette begon de kliffen af te dalen richting het dorp. Wat ging zij nou weer doen? ging het in Pippa's hoofd om. De peculiars in de lus geloofden al nooit in haar elven verhalen, laat staan dat de normale dorpsbewoners ermee om zouden kunnen gaan. Wat zou iedereen ervan opkijken dat Pippa het altijd bij het rechte eind had gehad! Het kleintje deed erg haar best om het oudere meisje bij te houden. "Where are you going? Miss bluebonnets house isn't there you know!" zei ze lief en behulpzaam. Toen ze de serieuze vreemdeling had ingehaald begon ze enthousiast verder te vertellen. "She will be thrilled to meet you, you know! You can come and live with us and miss Bluebonnet will give you better clothes if you want! She has some rules, but she is a very nice woman... Or are you looking for the other fairys? I can tell you where they are! But you are a good fairy right? Because otherwise I will have to discuss your visit with the Fairyqueen. Why are you actually so big? The others are so much smaller!"
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Gesponsorde inhoud



PROFIEL
RPG SHEET

BerichtOnderwerp: Re: ☪It all started with a big bang...   

Terug naar boven Ga naar beneden
 
☪It all started with a big bang...
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Peculiar Children :: 
I n n d y r
 :: c l i f f s :: l i g h t h o u s e
-
Ga naar: